Einde voetbalseizoen 2020/2021

Het voetbalseizoen zit erop. Het was een bewogen jaar, ook in de voetballerij. Wie pakten uiteindelijk de landstitels in dit onstuimige seizoen en wie sleepten de Europese prijzen in de wacht? Je leest het hier.


Champions League en Europa League


Een bizar jaar met bijzondere wedstrijden en weinig publiek werd afgesloten met twee prachtige wedstrijden: de Europa League-finale tussen Manchester United en Villarreal en de wederom Engelse Champions League-finale tussen Manchester City en Chelsea. Beide bekerfinales werden gewonnen door de underdogs: Chelsea, de nummer vier van de Premier League, en Villarreal, nummer zeven van de Primera División, die na een zinderende penaltyreeks met 10-11 wonnen en hun allereerste Europese titel ooit pakten.

Vooral bijzonder waren de aanwezige fans tijdens beide Europese wedstrijden. Wat een paar duizend supporters al kunnen betekenen voor de sfeer en de beleving van een wedstrijd is ongekend. Wat zullen de spelers er zelf van genoten hebben.

Al met al was het een raar jaar, en voor velen zullen de blikken dan ook enkel nog maar op vooruit staan. Het EK staat voor de deur, en hoewel ook deze weer anders zal worden dan we gewend zijn, kijken we er met z’n allen enorm naar uit.


Overzicht kampioenen 2020/21


Eredivisie

Ajax verzekerde zich begin mei met nog drie wedstrijden te gaan voor de 35ste keer van een landstitel. De ploeg van Ten Hag won met 4-0 van FC Emmen in het Johan Cruijff Arena, zonder publiek.


Bundesliga

FC Bayern München werd op 8 mei zonder te spelen kampioen, doordat concurrent RB Leipzig uit verloor bij Borussia Dortmund. Het is voor de Rekordmeister de negende landstitel op rij.


Primera División

De titelstrijd in de Spaanse competitie was ongekend spannend. Met nog maar twee wedstrijden te spelen, maakten zowel FC Barcelona, Real Madrid als Atlético Madrid nog kans op de titel. Barça deed na de voorlaatste wedstrijd tegen Celta de Vigo niet meer mee aan de race; Atleticó Madrid trok uiteindelijk aan het langste eind.


Serie A

Voor het eerst in negen jaar werd niet Juventus, maar Internazionale kampioen van de Italiaanse topcompetitie. De club van Stefan de Vrij was begin mei, met nog vier speelronden te gaan, al niet meer in te halen in de Serie A.


Ligue 1

Met slechts één punt verschil mocht Lille zich dit jaar kampioen van Ligue 1 noemen. Net als in Italië was Lille een verrassende winnaar in Frankrijk; in de afgelopen acht seizoenen was het PSG dat maar liefst zeven keer kampioen werd.


Scottish Premiership

Het houdt niet op bij Italië en Frankrijk: waar in Schotland Celtic negen jaar op rij de landstitel pakte, ging concurrent Rangers FC er dit jaar met de titel vandoor. Rangers pakte niet alleen de titel van de Scottish Premiership, ook schreef de club uit Schotland historie door ongeslagen de titel te pakken. Celtic eindigde maar liefst 25 punten onder de kampioen van Schotland.


Primeira Liga

Ook de kampioen van Portugal was geen gebruikelijke. Voor het eerst in negentien jaar pakte Sporting Lissabon de landstitel. Voorgaande jaren waren het altijd FC Porto of Benfica die met de felbegeerde titel aan de haal gingen.


Bekijk alle blogs